Op de tarieven voor de Rioolheffing is in 2025 een verhoging van 3,75% ten opzichte van vorig jaar toegepast.
(Bedragen x € 1.000) | Begroting | Begroting na wijziging | Werkelijk | Resultaat | ||
Overige baten en lasten | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
Lasten: | ||||||
Directe uitgaven rioolheffing | 3.043 | 3.125 | 2.952 | -173 | Voordelig | |
Toerekeningen en indirecte uitgaven | 3.059 | 3.050 | 2.670 | -381 | Voordelig | |
Totaal lasten | 6.103 | 6.175 | 5.621 | -553 | Voordelig | |
Baten: | ||||||
Rioolheffing | 6.091 | 6.196 | 6.129 | -66 | Nadelig | |
Totaal baten | 6.091 | 6.196 | 6.129 | -66 | Nadelig | |
Totaal lasten en baten: | 12 | -21 | -508 | -487 | Voordelig | |
Mutatie voorziening | -12 | -8 | 508 | 516 | Toevoeging | |
Dekkingspercentage | 100% | 100% | 109% | |||
Het saldo van de directe lasten en baten is € 173.000 lager dan de aangepaste begroting. Dit bestaat uit lagere energiekosten (€ 95.000), lagere onderhoudskosten door minder calamiteiten en onderbezetting (€ 110.000) en het saldo van meerdere kleinere verschillen die vanwege de geringe omvang niet afzonderlijk worden toegelicht (hogere lasten € 32.000)
De toegerekende lasten zijn € 381.000 lager dan de (aangepaste) begroting. De personele inzet ten behoeve van de rioolheffing is € 135.000 door een vacature adviseur riolering en minder inzet van een technisch medewerker riolering. Dit werkt ook door in een lagere overhead (lagere lasten € 50.000). De aan de rioolheffing toe te rekening kosten straatreiniging zijn € 45.000 lager. Door lagere directe kosten is ook de BTW toerekening minder (lagere lasten € 75.000). De uitgestelde vervanging van de kolkenzuiger leidt tot een lagere toerekening van tractiekosten (lagere lasten € 50.000) en tot slot geldt een lagere rekenrente dan waar eerder rekening mee was gehouden (lagere lasten € 25.000).
De prognoses bij de afsluiting van het boekjaar 2025 wijzen voor rioolheffing (inclusief oninbaar/vermindering) overall op een nadeel van € 66.000 ten opzichte van de aangepaste begroting (nadeel 2025 € 36.000, nadeel oudere jaren € 30.000). Ten opzichte van de oorspronkelijke begroting is er sprake van een voordeel van bijna € 40.000. Het voordeel over belastingjaar 2025 van € 70.000 wordt gedempt door een nadeel van € 30.000 over oudere jaren.
Het voordeel ten opzichte van de oorspronkelijke begroting hangt samen met niet-woningen (grootverbruik, klein verbruik niet-woningen en rioolheffing incidentele lozingen). Het negatieve saldo over oudere jaren komt door een nadeel op de post bezwaren in belastingjaar 2024.
De opbrengst riool particulieren is overall € 22.000 nadelig. Dat is het gevolg van het voordeel voor belastingjaar 2025 (hoger woningaccres dan bij grondslagen begroting 2025 aangenomen) en nadelen op de oudere belastingjaren (te hoge raming ‘nog op te leggen’).
De optelling van de lagere directe lasten (€ 173.000), de lagere indirecte toerekeningen (€ 381.000) en de lagere opbrengst rioolheffing (€ 66.000) geeft een saldo van afgerond € 487.000. Dit verschil is (extra) gedoteerd aan de egalisatievoorziening. Daar komt een bedrag van € 29.000 bij, die in de aangepaste begroting nog niet als dotatie was verwerkt. De totale extra dotatie ten opzichte van de aangepaste begroting is daarmee € 489.000 + € 29.000 = € 516.000. Voor de rioolheffing geldt dat we streven naar kostendekkende tarieven. Het dekkingspercentage komt voor 2025 uit op 109%.
De stand van de voorziening ultimo 1 januari 2025 was € 1.887.000. Er is niets onttrokken en € 508.000 aan de voorziening toegevoegd. De stand per 31-12-2025 komt daarmee uit op € 2.395.000. Dit saldo wordt meegenomen in toekomstige tariefberekeningen.
Zie ook de toelichting in paragraaf product Riolering.
