Wonen en economie

Thema Wonen

Product Ruimtelijke ontwikkeling wonen

(Bedragen x € 1.000)

Product Ruimtelijke ontwikkeling wonen

Begroting Primitief

Begroting na wijziging

Jaarrekening

Resultaat

Lasten

2.793

3.532

3.593

-61

Baten

2.459

2.482

3.678

1.196

Saldo

-334

-1.050

85

1.135

Toelichting

Implementatie omgevingswet, lagere lasten € 79.000
Door personele wisseling is de capaciteit op Implementatie achtergebleven voor een deel van het jaar. Ook zijn de uitgaven voor ontwikkeling van de vergunningensoftware dit jaar lager uitgevallen.

Omgevingswet, hogere baten € 144.000 en hogere lasten € 206.000
De inkomsten uit Omgevingswet leges zijn hoger uitgevallen. Dit komt omdat sommige projecten eerder afgerond waren dan verwacht. Tegelijkertijd zijn er meer inhuurkosten gemaakt. De personele kosten bevinden zich binnen het programma Bedrijfsvoering.
In de 2e Technische begrotingswijziging 2025 werd een nadelig resultaat begroot van € 1.115.000. Inclusief het nadelige verschil van € 62.000 ontstaat een negatief saldo van € 1.177.000 op dit onderwerp. Hiervan wordt voorgesteld dit restant á € 62.000 ook te onttrekken aan de hiervoor bestemde reserve Omgevingswet via resultaatbestemming.

Planontwikkeling, hogere baten, € 1.073.000 en hogere lasten € 95.000
Het rijk ondersteunt gemeenten bij het bouwen van meer betaalbare woningen met behulp van de Realisatiestimulans. Deze subsidieregeling is november 2025 definitief vastgesteld en was niet opgenomen in de begroting. Gemeenten ontvangen met ingang van het boekjaar 2025 tot en met 2030 een bijdrage van € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw in hetzelfde jaar is gestart. De gemeente Nieuwegein heeft om deze reden een baat opgenomen in de jaarrekening en tevens een voorlopige nog te ontvangen bedrag opgenomen van €1.052.000.

De kostenoverschrijding wordt veroorzaakt door de financiële afhandeling van de opgelegde Wet Voorkeursrecht Gemeente op het pand Dukatenburg 90 (raadsbesluit 2022-210). Zowel de door de gemeente gemaakte juridische kosten als de juridische van de adviseurs van de eigenaar mogen in rekening worden gebracht bij de partij die de WVG oplegt (de gemeente). Daarnaast heeft de financiële afronding van het juridisch proces inclusief onafhankelijke externe adviseurs plaatsgevonden ten laste van de gemeente. Hier staat tegenover dat vanuit de algemene uitkering een extra bedrag is ontvangen voor de uitvoering vanuit de wet Versterking Regie Volkshuisvesting.

Betere buurten, lagere lasten € 30.000
Voor het programma Betere Buurten zijn minder kosten gemaakt. De kosten voor het programma Betere Buurten worden verrekend met de reserve Betere Buurten en beheerplannen. Om deze reden wordt bij de resultaatbestemming een lagere onttrekking aan de reserve Betere Buurten en beheerplannen voorgesteld van € 30.000. Deze reserve wordt verantwoord binnen het programma Algemene dekkingsmiddelen.

Regiodeal Muntenbuurt, lagere baten € 44.000 en lagere lasten € 44.000
De gevraagde rijkssubsidie is volledig opgemaakt en is daarmee beëindigd.

Woonbeleid, lagere lasten € 53.000
Er zijn minder lasten gemaakt met betrekking tot woonbeleid en urgentieverlening omdat de Wet versterking regie Volkshuisvesting in 2025 niet in werking is getreden. De bijbehorende (structurele) middelen voor implementatie en uitvoering van deze wet zijn daarom niet uitgegeven in 2025.

Realisatiestimulans, hogere baten € 1.052.000 

In het laatste kwartaal 2025 is de realisatiestimulans door het Rijk vastgesteld. De Realisatiestimulans is een specifieke uitkering voor gemeenten. Met deze uitkering steunt het Rijk gemeenten bij het realiseren van betaalbare woningen en versnellen van woningbouw. Het gaat om € 7.000 per start-bouw van een betaalbare woning in de periode 2025 tot en met 2029, voor woningen waarvan geen andere rijkssubsidie is verkregen. Naar huidige verwachting zal de gemeente in deze periode ongeveer € 6.3 miljoen ontvangen. De bijdrage wordt in het jaar nadat de bouw van de woningen is gestart ontvangen. Over het jaar 2025 zal de gemeente € 1.052.000 ontvangen.

In afspraken met het Rijk is bepaald dat het geld dat ontvangen wordt vanuit woningbouw in de Centrale As ook binnen dit gebied besteed wordt. Het gaat naar verwachting om € 2.3 mln. van de € 6.3 mln. Over het geld dat van woningbouw buiten de Centrale As komt zijn geen afspraken gemaakt en kan vrij besteed worden: binnen of buiten de Centrale As.

Om deze middelen in de komende jaren gericht in te kunnen zetten wordt voorgesteld deze € 1.052.000 te storten in een nieuw te vormen reserve, genaamd de reserve Realisatiestimulans. Deze kan verder worden gevoed door ontvangsten uit deze regeling in aankomende jaren en worden aangewend voor de volgende doelen, zoals ook beschreven in het raadsvoorstel:

  1. Dekking van tekorten in gemeentelijke grondexploitaties
  2. Realisatie van de vijf kritische succesfactoren voor de groei van de stad
  3. Huisvesting voor aandachtsgroepen en woonzorginitiatieven
  4. Borging van realisatiecapaciteit

Starters-, duurzaamheids-, en verzilverleningen (hogere lasten € 16.000 en hogere baten € 25.000)
Vanwege de lage rentestand zijn de inkomsten uit rente hoger uitgevallen dan verwacht. Dit komt omdat de gemeente geld heeft geleend bij de bank Nederlandse gemeente tegen een lagere rente. Het positieve verschil wordt aan de reserve Starterslening toegevoegd. Zodra de rente stijgt zal het verschil negatief worden. Vanwege hogere beheerkosten van de rekeningen bij de SVN bank zijn de kosten gestegen.
Voorgesteld wordt om bij de resultaatbestemming € 9.000 toe te voegen aan de reserve Starterslening.

Overige, lagere baten € 7.000 en lagere lasten € 51.000
Op diverse onderwerpen als ruimtelijke kwaliteit, bestemmingsplannen en urgentieverlening zijn kleine afwijkingen gerealiseerd ten opzichte van begroot.

Deze pagina is gebouwd op 08/19/2026 12:07:09 met de export van 08/19/2026 11:47:36